Kisangani vzw

Lufutu (4)

Augustus 2004

[Nederlands] [français]

Tijdens ons verblijf in Kisangani zagen mijn vrouw Magda en ik heel wat mensen terug die we in de jaren zeventig en tachtig gekend hadden: artsen en paramedici, personeel en vooral veel mensen die behandeld werden voor melaatsheid en tuberculose.

Mama Alisi, onze vroegere huishoudster, zagen we elke dag, want ze mocht voor ons allen koken in het gasthuis van de faculteit wetenschappen. Maar ook onze gewezen dienstknecht en vriend, de oude Lofutu, kwam bijna elke middag ons groeten. De wijze grijsaard wist dat Alisi en haar hulpkok Emani steeds te veel eten bereidden.

Met zijn fiets, gekregen van Igo Kevala (zo spreekt hij de naam Hugo Gevaerts uit), reed hij langzaam, onder de hete middagzon, de faculteit binnen. Van overal klonk het "Mbote (goede dag) Lofoetoe" en de oeklank, vooral van de laatste lettergreep, werd met opzet lang uitgerekt. Lofutu glunderde en genoot er van. Ja, zelfs professoren noemden zijn naam. Hoogmoed was hem vreemd, en tot slaafsheid was hij niet bereid.

Toen hij die eerste middag ons kwam groeten omhelsden we elkaar met natte ogen, blij en ontroerd om het weerzien. Hij had zo veel te vertellen. Daar moest een fles Primus op gedronken worden. Het bier was lauw daar de koelkast niet werkte wegens stroomonderbreking. Niemand durfde daarover klagen.. Sinds mijn laatste bezoek, zes jaar geleden, had de bevolking ontzettend geleden onder de bezetting van militairen uit de buurlanden. Lofutu had me eerder laten weten dat de soldaten zijn zoon hadden gedood. Het was eigenlijk zijn kleinkind dat nog studeerde en bij hem inwoonde, zijn oogappel. “Oyoki papa Elike” (luister papa Erik) begon Lofutu. Ik vulde onze glazen en luisterde. Zijn stem beefde. "Hij was mijn ik, papa, meer dan mijn vier dochters en twee zonen die ver van hier zijn weggegaan. Hij droeg mijn uurwerk dat ik van u gekregen heb. De militairen hadden mij moeten vermoorden, niet hem. Ik ben oud. Hij was 21 jaar en ging nog naar school. Op 14 mei 2002 haalden ze hem uit de klas om hem te vermoorden. Thuis wachtte ik op hem. Ik leefde in onrust en zocht hem overal. Pas na een week kwam het Rode Kruis me vertellen wat er gebeurd was." Hij zweeg en dronk zijn glas uit. Het deed hem deugd. Ik schonk zijn glas vol. "Papa Elike, toen in Kisangani de driedaagse (er was ook een zesdaagse) oorlog begon tussen Rwandese en Oegandese militairen zat ik op mijn veld te werken aan de overkant van de Tshoporivier. Plots werd er oorverdovend geschoten," Lofutu stak zijn wijsvingers in zijn oren en bootste de geluiden na, "boem, boem", alsof hij het opnieuw beleefde "en ik spoedde me de rivier over met de prauw. Mama na ngai (mijn moeder), op vaste grond gekomen botste ik op een groep Oegandese soldaten. Ze namen me wat verder mee waar vijf gesneuvelde Rwandese militairen lagen en bevalen me ze één voor één in de Tshopo te werpen. ’t Waren zware lijven, papa Elike, door het eten van Kongolese geiten en kiekens." Hij dronk zijn glas leeg. "’t Doet deugd. Bier kan ik niet kopen. ‘k Ben gepensioneerd, maar ik trek niets. Nochtans, papa, ge hebt altijd voor mijn pensioen betaald. Mbongo ya ngai,etikali waapi? (Waar blijft mijn geld?) Les grands messieurs van Kinshasa zijn er mee weg… de dieven… de… " Plots stond Magda voor hem met een pakje. Gretig deed hij het open. Er zaten zes mooie doosjes snuif in. Zijn ogen schitterden. Hij nam onmiddellijk een prise en moest niezen.

Alisi en Emani die kwamen kijken schaterden het uit. Ze wilden ook eens snuiven wat Lofutu toeliet, maar dadelijk stopte hij de doosjes weg toen hij merkte dat er nog volk naderde.

Toen nam hij van zijn fiets een ananas die hij Magda schonk. "Na elanga ya ngai (van mijn veld)" zei hij. Mij wees hij naar de fietsbanden. Versleten tot en met. Dan tikte hij op zijn pols, geen uurwerk meer. Moest ik nu zeggen aan de oude Lofutu dat hij eerst de structuren van zijn land moest veranderen? Sinterklaas hebben we niet gespeeld, maar we hebben hem gegeven waar hij nood aan had en wat hij verdiende als oud werknemer en vriend. Toen hij vroeg of ik geen nkisi (medicijn) had om grotere ananassen te telen heb ik Professor Mate aangesproken. Hij heeft beloofd om met Lofutu naar zijn veld te gaan kijken en hem te helpen in het alternatief boeren.